Scroll Top

De aanleg voor adhd verhoogt ook het risico op leerproblemen 

TEKST MARLOES VAN CASPEL

Dr. Elsje van Bergen is associate professor Educational Genetics aan de Vrije Universiteit Amsterdam en visiting professor aan de Universiteit van Oslo. Zij leidde het onderzoek ‘Co-Occurrence and Causality Among ADHD, Dyslexia, and Dyscalculia’, met gegevens van ruim 20.000 kinderen.

Dyslexie en dyscalculie komen vaak samen voor met adhd. Niet omdat het één het ander veroorzaakt, maar omdat dezelfde genen betrokken zijn bij de erfelijke aanleg. Dr. Elsje van Bergen leidde het onderzoek naar deze samenhang.

De twee hoofdvragen van dit onderzoek zijn: hoe vaak komen adhd, dyslexie en dyscalculie samen voor en waarom is dat zo? Wat blijkt: kinderen met een van deze condities, hebben een verhoogde kans op een van de andere condities (zie figuur 1). Zo heeft 37% van de kinderen met adhd ook nog dyslexie of dyscalculie. Deze percentages zijn lager dan eerder werd verondersteld, vertelt Van Bergen. Dat komt omdat eerdere studies alleen keken naar klinische groepen, waarbij kinderen al zijn doorverwezen vanwege leer- of gedragsproblemen. In dit onderzoek is juist gebruikgemaakt van gegevens uit het Nederlands Tweelingen Register, waarin kinderen uit de algemene bevolking deelnemen. Daardoor geeft de studie een realistischer beeld van hoe vaak adhd, dyslexie en dyscalculie samen voorkomen. Natuurlijk zijn er veel individuele uitzonderingen, zoals kinderen met dyslexie of adhd die juist heel goed kunnen rekenen. Het onderzoek focust echter op algemene patronen.

Geen direct causaal verband

De belangrijkste uitkomst van het onderzoek is dat er geen direct causaal verband is vastgesteld: er is dus geen bewijs gevonden dat de ene conditie de andere veroorzaakt. Zo leidt adhd dus niet direct tot leesproblemen; de overlap wordt verklaard door een gedeelde genetische aanleg. Oftewel, de aanleg voor adhd verhoogt ook het risico op problemen met lezen en rekenen.

Technisch en begrijpend lezen

Deze studie richtte zich op technisch lezen – snelheid en nauwkeurigheid van lezen – omdat dat de kern vormt van dyslexie. Daarnaast loopt momenteel onderzoek met Finse collega’s, waar wordt gekeken naar de invloed van adhd op begrijpend lezen, waarbij een kind zich lang moet kunnen concentreren op een tekst. ‘We lijken wel een negatieve invloed van adhd op begrijpend lezen te vinden,’ stelt Van Bergen, ‘maar deze studie is nog niet gepubliceerd.’

Implicaties voor school

Leraren zullen herkennen dat ze ondanks hetzelfde goede onderwijs aan een klas van dertig kinderen, alsnog enorme verschillen zien in hoe makkelijk een kind lezen, spellen of rekenen oppikt. Die onderlinge verschillen blijken voor driekwart te komen door genetische aanleg. ‘Daarom moeten we juist kinderen met aanleg voor bijvoorbeeld dyslexie extra goed onderwijs geven,’ vindt Van Bergen. ‘Het is belangrijk dat leerkrachten erkennen dat sommige kinderen simpelweg meer moeite hebben met lezen of rekenen, zonder dat het aan hun inzet ligt. Juist kinderen die veel moeite moeten doen, hebben een extra compliment nodig, want die moeten de hele tijd iets doen waar ze niet goed in zijn.’

Klinische praktijk

Dit onderzoek heeft ook implicaties voor de klinische praktijk. Heeft een kind moeite op één gebied, dan is het goed om ook te letten op andere, want vaak gaan zulke uitdagingen samen. Van Bergen: ‘Daarbij is het goed om te beseffen dat het behandelen van één conditie waarschijnlijk niet leidt tot verbeteringen van een andere conditie. Zo zal behandeling van adhd op zichzelf niet automatisch verbetering van schoolse vaardigheden opleveren. Omgekeerd zal de behandeling van een leerstoornis zoals dyslexie niet per se adhd-symptomen verminderen.’

Ouders: voel je niet schuldig!

Voor ouders heeft Van Bergen een duidelijke oproep. ‘Ouders moeten zich niet schuldig voelen over de ontwikkeling van hun kind. Iedereen heeft natuurlijk het beste voor met zijn kinderen. Je doet wat je kan. Maar al op het consultatiebureau word je bedolven met tips over wat je allemaal zou moeten doen voor een optimale ontwikkeling. Natuurlijk zijn adviezen als voorlezen en veel boeken in huis hebben waardevol, maar als je kind dyslexie heeft, betekent dat niet dat je iets verkeerd hebt gedaan of te weinig hebt voorgelezen. Dit onderzoek laat zien dat het gewoon heel erg erfelijk is – het grootste deel van de verschillen tussen kinderen komt door genetische aanleg. Je kunt dus gewoon dikke pech hebben.’

Daarbij komen condities vaak in families voor, vervolgt Van Bergen. ‘Dus als je een kind met dyslexie hebt, dan zou het heel goed kunnen dat jij of je partner ook moeite heeft met lezen. Dus weg met dat schuldgevoel!’

Dit artikel verscheen eerder in Balans Magazine 4-2025. Wil je ook ons magazine ontvangen? Word dan nu lid. Bekijk hier de voordelen.

Fotografie: Yvonne Compier
Privacyvoorkeuren
Wanneer u onze website bezoekt, kan deze informatie opslaan via uw browser van specifieke services, meestal in de vorm van cookies. Hier kunt u uw privacyvoorkeuren wijzigen. Let op dat het blokkeren van sommige soorten cookies van invloed kan zijn op uw ervaring op onze website en de diensten die wij aanbieden.