Scroll Top

Extra informatie bij artikel ‘Ook broers en zussen hebben hulp nodig’

Ervaringen en Tips van een Ervaringsdeskundige

Nickee Hoedemaekers (1976), heeft een zus met een licht verstandelijke beperking. Als ervaringsdeskundige brus weet ze hoe bijzonder en ingewikkeld tegelijk deze positie is. Sinds 2020 heeft zij een eigen praktijk voor kind- en gezinscoaching Nice2Bme. Haar expertise ligt bij het tijdig signaleren van brus- en opvoedgerelateerde problemen en ondersteuning van brussen en hun ouders.

In Balans Magazine 3-2023 vertelt Nickee hoe belangrijk het is om ook oog te hebben voor de andere kinderen in het gezin waarin een ‘zorgkind’ veel aandacht nodig heeft. Hier vertelt zij meer over haar eigen ervaringen als brus en geeft zij handige tips voor ouders.

 

Gratis meedenksessie

Zit je met een opvoedvraag rondom brussen? Dan biedt Nickee speciaal voor Balans 5x een gratis online meedenksessie aan van een halfuur (in volgorde van aanmelding). Vanuit haar expertise geeft Nickee direct drie praktische, op jouw gezin afgestemde, tips. Zodat jij als ouder weer vol vertrouwen in de opvoeding staat en er voor ál je kinderen kunt zijn. Mail [email protected]l en vermeld ‘Balans 1 van de 5 aanbod’. Zit je niet bij de eerste vijf aanmelders? Dan kost een meedenksessie € 47,-.

‘Iedereen verdient het om in zijn puurheid gezien te worden’

Mijn zus had een beperking en dat maakte mij een ‘brus’. Zo heet dat wanneer je BRoer of zUS een beperking of zorgbehoefte heeft. In mijn jongere jaren bestond de term brus nog niet. Mijn zus was mijn zus. Ik wist niet anders. Ik groeide ermee op en paste mij aan. Ik zag de zorgen van mijn ouders en ik wilde hen niet tot last zijn. Ik zorgde dat mijn zus het aan niets ontbrak en zette mijn eigen zorgen, emoties en frustraties opzij. Mijn ouders wisten niet waar ik mee zat. Zij zagen alleen het topje van de ijsberg, mijn driftbuien. Ik gedroeg me namelijk als een ware kameleon.

Als kind stond ik bekend als driftkikker enerzijds en zorgzaam anderzijds. Achteraf geen wonder, want ik hield emoties in. Ik wilde mijn ouders er niet extra mee belasten. Toch was er al die jaren een gevoel waar ik mijn vinger niet op kon leggen. Waarom kon ik geen NEE zeggen? Waarom kon ik niet kiezen voor mezelf? Waarom raakte ik in paniek als dingen anders liepen dan ik wilde of als ik een fout maakte? Waarom voelde ik mij zo verantwoordelijk voor de ander!?

 

Anderen zijn belangrijker

Dit gaat allemaal onbewust. Dat is ook de valkuil bij brussen, weet ik nu. Het aanpassen (het jezelf wegcijferen en emoties inhouden) gaat zo geleidelijk dat je dat niet doorhebt. Je neemt dingen waar. En geeft daar een gedachte aan. En voor je het doorhebt draag je een overtuiging als ‘anderen zijn belangrijker’ met je mee.

Toen ik zelf moeder werd (2012) voelde ik mij nog meer verantwoordelijk. Ook binnen mijn werk (ik werkte al 27 jaar in de gehandicaptenzorg) had ik het gevoel steeds meer ballen hoog te moeten houden. Dingen uit handen geven, lukte niet. De zorg werd zwaarder en ik durfde geen hulp te vragen. Hulp vragen voelde als falen.

Tot ik ziek werd. Een, wat leek, hardnekkige verkoudheid resulteerde in een ziekenhuisopname. Mijn zuurstofgehalte was zo laag dat ik acuut opgenomen werd. Ik had alle signalen in mijn lijf gemist. Hoe dan? Een burn-out volgde.

Na een lang traject bij een coach wist ik steeds beter wat ik wilde en wat ik leuk vond. Ik besloot de kindercoachopleiding te gaan volgen. Daar kwam de bewustwording van de impact van het opgroeien in een bijzonder gezin naar voren.

Ook broer en zus hebben hulp nodig…

Hoewel er vaak ondersteuning is voor ouders en zorgkinderen, zie je dat hulp of kennis voor en over brussen achterblijft. Een vergeten groep, want ook broers en zussen hebben hulp nodig bij de uitdagingen waar ze maar mee te dealen hebben. Uit onderzoek is gebleken dat brussen tot drie keer meer kans hebben op het krijgen van sociaal emotionele problemen dan leeftijdsgenoten. Met de juiste aandacht en begeleiding in de jonge jaren kunnen problemen als zichzelf wegcijferen of overbelast raken (burn-out en zelfs PTSS) voorkomen worden.

Brussen op de kaart

Er wordt nog niet vaak stilgestaan bij wat deze bijzondere gezinssituatie voor impact heeft op de broer en zus. Het is bijzonder en ingewikkeld tegelijk. De term brus heeft nog (te) weinig naamsbekendheid. Juist daarom wil ik brussen op de kaart zetten. Hiermee hoop ik dat er meer begrip komt voor deze onderschatte positie. Dat brussen niet alleen hoeven te worstelen.

Levend verlies

Brussen lopen tegen anderen dingen aan dan ‘gewone’ broertjes en zusjes. Ze zien en voelen verschillen en missen dingen die je met een ‘gewone’ broer of zus wel kunt doen. Zoals samen spelen, je verhaal kwijt kunnen, bondjes maken. Dat is lastig en voelt soms ook oneerlijk. Waarom mag hij dat wel en ik niet? Waarom moet ík wéér wachten?

Elke levensfase zijn er andere vraagstukken, zorgen en confrontaties met het feit dat de broer of zus anders is. Brussen kunnen verdrietig zijn omdat hun broer of zus niet ‘normaal’ is en nooit zal worden. Ze hebben net als zorgouders ook te maken met ‘levend verlies’.

Het is niet zo vanzelfsprekend om je verhaal als brus over je thuissituatie kwijt te kunnen. Hoe leg je bijvoorbeeld uit dat je je soms enig kind voelt? Wie begrijpt jou nu echt? Daarom is contact met gelijkgestemden erg belangrijk. Iemand die jou, zonder een hele uitleg, echt begrijpt. Waarin je je herkent en met wie je dingen kunt delen. Ook al verandert er niets, het lucht wel op. Soms kan het voor een brus ook fijn zijn om te praten met iemand die net wat verder weg staat. Ik weet uit eigen ervaring hoe het is, voelt en wat er bij komt kijken.

Wie ben JIJ?!

Je zal opmerken dat brussen zorgzaam zijn, veel observeren, zich snel aanpassen, emoties wegstoppen en bewust gewenst of ongewenst gedrag vertonen. Laat ze inzien dat ze niet de enige zijn en wat ze voelen niet vreemd is. En laat hen vooral hun verhaal vertellen. Wie ben JIJ?! En IK ZIE JOU!

Fundering voor de toekomst

Hoe tof zou het dan zijn dat je juist bij brussen, in hun jonge jaren, het verschil kan maken? Problemen welllicht kan voorkomen? Dat is waar ik mij, als brus(s)en coach, hard voor maak. Vroegtijdig signaleren en waar nodig ondersteunen. En een stuk bewustwording creëren: Wat zeg je, wat doe je, en hoe kun je aanpassen herkennen en vooral ook beïnvloeden?

5 tips die helpend zijn voor je brus:

  1. Neem je brus serieus. Leg in woorden – die passen bij de leeftijd – uit wat er speelt. De informatie die je geeft, groeit als het ware mee met de ontwikkeling van jullie brus. De situatie rondom jullie zorgkind is ook moeilijk voor jullie brus. Geef je brus de ruimte om zijn of haar gevoelens te delen en blijf hier regelmatig naar vragen.
  2. Blijf met elkaar in gesprek. Brussen en ouders kunnen elkaar beschermen door niet meer met elkaar te delen wat er in hen omgaat, bang om daarmee de ander te belasten. Maar juist door deze bescherming ontstaat een ‘niet weten’ dat juist tot extra vragen en zorgen kan leiden. Wanneer brussen daarnaast hun mening en gevoelens niet meer delen, kan dit nadelige gevolgen hebben voor hun ontwikkeling. Het ‘niet gezien en erkend worden’ kan leiden tot problemen als negatieve gedachten, stress, boosheid en angst.
  3. Wanneer je als ouder plots weg moet (bij situaties om leven en dood) omdat je kind naar het ziekenhuis moet, blijft de brus vaak thuis achter. Onwetend over wat er gebeurd is en wat gaat komen. Er kunnen ook bij hen veel zorgen spelen. Om hun broer en zus, maar ook de onduidelijkheid wanneer papa of mama nu thuiskomt. Dat kan een brus een bang en alleen gelaten gevoel geven. Brussen hebben dan behoefte aan veiligheid en iemand die helpt bij hun emoties. Dat kan bijvoorbeeld opa of oma zijn. Maar weten zij ook wat ze dan kunnen zeggen? Of gaan ze het onderwerp uit de weg? Dat laatste kan nog meer onrust geven. Als ouder kun je natuurlijk zulke ad hoc-situaties niet voorkomen. Wat je wel kunt doen is na afloop knuffelen en praten. Doe dat voordat je de regeldingen oppakt, want anders heeft je brus het gevoel weer op de tweede plaats te komen. Lukt uitstellen van regeldingen niet, zorg dan dat de regelzaken rond zijn voor je thuiskomt. Zo kun je er bij thuiskomst echt voor je brus zijn.
  4. De emotie ‘boos’ komt vaak voor bij brussen, omdat er veel speelt in hun leven. Zoals frustraties, het zorgen maken, ongelijkheid ten opzichte van de broer of zus. Soms speelt er zo veel dat het emmertje overloopt. Opgelopen emoties zoeken dan een uitweg om te kunnen ontladen. Om je brus met emoties om te leren gaan, is het belangrijk dat je als ouder het gesprek over emoties houdt. Zo kun je van jongs af aan bewust benoemen welke emoties je ziet en waaraan je dat ziet. Zodat een brus de emoties ook bij zichzelf leert herkennen. Als ouder kun je ook een voorbeeld hierin zijn, door open te praten over hoe je in je vel zit. En gedrag te tonen dat je van je Brus ook verwacht. Vertel bijvoorbeeld dat je je boos voelde toen de vaas omviel. En verdrietig omdat je je verheugd had op lekker eten, maar het eten was mislukt. Twijfel je als ouder of je brus zijn emoties binnenhoudt, dan kun je dit checken. Bijvoorbeeld: Ik zie je fronsen. Ik heb de indruk dat je je zorgen maakt. Klopt dit?
  5. Soms is hulp vragen aan je brus onoverkomelijk; omdat jij ook naar de wc moet of nog iets boven moet pakken en de schoolbus er nog niet is. Hoe kun je dat doen op een manier waarbij je zo min mogelijk de brus belast? Door de taak af te bakenen. Leg uit waar je precies hulp bij nodig hebt. Hoe lang het duurt. Wat je precies verwacht. Als er iets gebeurt, wat dan? Geef duidelijke uitleg. Bedank de brus na afloop van de taak en vraag hoe het ging. En benoem dat jij er nu weer voor de broer of zus bent, zodat je brus weer lekker kan gaan spelen.
Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.