Reactie op internetconsultatie Wetsvoorstel Doorbraakaanpak

Tot 4 januari kan iedereen reageren op het Wetsvoorstel Doorbraakaanpak Onderwijs en Jeugdhulp. Wij stelden samen met de stichting Autipassend Onderwijs Utrecht een reactie op, waarin we de nodige kritiek uiten op dit wetsvoorstel.
Hieronder lees je onze conclusie en advies. Het hele document vind je in het artikel van Autipassend Onderwijs. Ben je het eens met onze constateringen? Dan kun je tot maandag 4 januari dit als reactie op de internetconsultatie indienen om ons standpunt te versterken.

Onze conclusie

Het wetsvoorstel wil het probleem van het grote aantal thuiszitters aanpakken. In het IAK wordt beschreven: “Belangrijk in een thuiszittersaanpak is preventie en vroegtijdige signalering en het duidelijk beleggen van taken en verantwoordelijkheden in alle stappen van het (escalatie)proces.”

Verkeerde probleemstelling

Door te spreken over een thuiszittersaanpak, wordt er te veel gekeken naar het uitvalproces en de leerplicht in plaats van het realiseren van een passend onderwijsaanbod voor alle kinderen en jongeren, binnen of buiten school.

Als je daarentegen uitgaat van leerrecht en onderzoekt waar en waarom leerlingen dat niet krijgen, dan richt je je op het oplossen van de kern van het probleem, in plaats van symptoombestrijding.

In de Kamerbrief Evaluatie en Verbeteraanpak van Passend Onderwijs van 4 november 2020 schrijft minister Slob dat hij het leerrecht wil verankeren in de wet door een landelijke norm van basisondersteuning, gecombineerd met zorgplicht en dekkend aanbod. Hij geeft aan dat hij daarmee voldoet aan wat in het regeerakkoord is afgesproken, namelijk dat onderzocht zou worden hoe het leerrecht, zoals dat in internationale verdragen staat, in de wet kan worden verankerd.

De internationale verdragen gaan echter verder dan dat. Het onderwijs hoort gericht te zijn op “de zo volledig mogelijke ontplooiing van de persoonlijkheid, talenten en geestelijke en lichamelijke vermogens van het kind” (artikel 29, eerste lid sub a van het Kinderrechtenverdrag). Dit kan niet gerealiseerd worden als de Leerplichtwet nog steeds vrijstellingen van inschrijving aan een school verleent als een leerling (tijdelijk) niet (meer) in staat is tot geregeld schoolbezoek.

Voor verankering van het leerrecht zijn wij daarom voorstander van het Wetsvoorstel Leerrecht. Wij zijn van mening dat onderdelen van dit Wetsvoorstel Doorbraakaanpak nutteloos zijn en soms zelfs schadelijk kunnen zijn.

Verkeerde aanpak

Het wetsvoorstel doorbraakaanpak biedt geen oplossing voor het probleem dat geschetst is, namelijk het terugdringen van verzuim en thuiszitters.

Om dit probleem op te lossen, richt dit wetsvoorstel zich op twee aspecten:

  1. Het delen van verzuimcijfers met de samenwerkingsverbanden, zodat zij die informatie kunnen gebruiken om een dekkend aanbod te realiseren.
  2. Het maken van afspraken tussen gemeente en samenwerkingsverband als een leerling eenmaal is uitgevallen.

Nutteloze onderdelen van dit wetsvoorstel

De voorgestelde wetswijzigingen met betrekking tot afspraken tussen gemeente en samenwerkingsverband over het beëindigen van verzuim binnen 3 maanden bieden ruimte om:

  • van het bestaande onderwijsaanbod uit te gaan in plaats van een echt dekkend aanbod te creëren (gezien de formulering “een zo passend mogelijke plaats in het onderwijs”),
  • pas in te grijpen als de leerling (geruime tijd) is uitgevallen in plaats van bij dreigende uitval,
  • voor bijkomende problemen vanwege het lange verzuim te verwijzen naar individuele jeugdhulp in plaats van preventie en ondersteuning in het onderwijs zelf te regelen,
  • de noodzaak voor jeugdhulp, als die er is, te gebruiken als excuus om geen (passend) onderwijs te bieden waarbij de leerling zich volledig kan ontplooien.

Het voegt weinig toe aan de al bestaande wettekst “Het samenwerkingsverband stelt zich ten doel een samenhangend geheel van ondersteuningsvoorzieningen binnen en tussen de scholen, bedoeld in de vorige volzin, te realiseren en wel zodanig dat leerlingen een ononderbroken ontwikkelingsproces kunnen doormaken en leerlingen die extra ondersteuning behoeven een zo passend mogelijke plaats in het onderwijs krijgen.” (Artikel 18a Wet op het primair onderwijs en Artikel 17a Wet op het voortgezet onderwijs). Dat heeft tot nu toe niet geleid tot een beter dekkend aanbod en daar voegt dit wetsvoorstel niets dwingends aan toe (in tegenstelling tot het Wetsvoorstel Leerrecht).

Volgens de Memorie van Toelichting ligt de doorbraakaanpak in het verlengde van de meer expliciet gemaakte taak van het samenwerkingsverband om te zorgen voor een dekkend aanbod. Als de taak om te zorgen voor een dekkend aanbod niet goed verankerd is (omdat de definitie “zo passend mogelijk” door het onderwijs zelf geïnterpreteerd mag worden) heeft de doorbraakaanpak dus ook weinig toegevoegde waarde.

Schadelijke onderdelen van dit wetsvoorstel

Bovendien is het zeer onwenselijk dat er voorgesteld wordt dat het samenwerkingsverband een wettelijke grondslag krijgt voor het verwerken van privacygevoelige (medische) persoonsgegevens van leerlingen zonder toestemming van ouders (of 16+ leerling), terwijl het samenwerkingsverband niet in alle gevallen de deskundigheid heeft om dat goed te beoordelen en het wel als argument kan gebruiken om passende onderwijsoplossingen tegen te houden en ouders onder druk te zetten. Dit kan een averechts effect hebben op de ontplooiingsmogelijkheden van de leerling en traumatisch zijn voor het hele gezin. Daarom is dit onderdeel van het wetsvoorstel schadelijk te noemen.

Er is een betere oplossing voor dit probleem mogelijk, namelijk via de jeugdarts zoals beschreven in het wetsvoorstel Leerrecht. De jeugdarts is onafhankelijk, is deskundig over de ontwikkelingsmogelijkheden van kinderen, heeft beroepsgeheim en valt onder het medisch tuchtrecht.

Als er naast de doorzettingsmacht die daarin beschreven wordt nog behoefte is aan inzicht in anonieme verzuimcijfers en/of afspraken tussen gemeente en samenwerkingsverband is dat prima, maar die afspraken moeten aanvullend zijn en gaan over de uitvoering. Hiervoor is het dan niet nodig dat het samenwerkingsverband toegang krijgt tot bijzondere persoonsgegevens, zoals bijvoorbeeld gegevens over de fysieke en/of geestelijke gezondheid van een leerling.

Ons advies

Wij adviseren om wetsvoorstellen te richten op het oplossen van de kern van het probleem en niet op symptoombestrijding. Dit wetsvoorstel heeft als doel het tegengaan van verzuim en schooluitval, maar de kern van het probleem is dat niet voor alle kinderen en jongeren een passend onderwijsaanbod beschikbaar is, wat leidt tot thuiszitters en vrijstellingen voor leerbare kinderen en jongeren.

Hiertoe is het onder andere belangrijk om het leerrecht zoals dat in de internationale verdragen beschreven is, wettelijk te verankeren. Het voorstel van minister Slob in zijn brief van 4 november 2020 is onvoldoende om dit te realiseren. Het Wetsvoorstel Leerrecht is een grote stap in de goede richting.

Wij steunen jou, steun jij ons? Word lid of doneer!

* Afbeelding van wendy CORNIQUET via Pixabay