Ouders over de route naar inclusief onderwijs

Het doel van de inzet op inclusiever onderwijs is dat leerlingen met en zonder ondersteuningsbehoeften vaker samen dicht bij huis naar dezelfde school kunnen, als het kan in dezelfde klas zitten en elkaar ontmoeten op het schoolplein.” 

Dit staat in de verbeteraanpak Passend Onderwijs van de vorige onderwijsminister in 2020. 
De nieuwe minister, Dennis Wiersma, wil de ontwikkeling naar Inclusiever Onderwijs versnellen. 
Naar aanleiding hiervan organiseert het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap bijeenkomsten. De eerste was op 6 april 2022: ‘Droombeeld inclusiever onderwijs 2035’. OCW wilde tijdens die bijeenkomst in gesprek met het onderwijsveld en ouders met de vraag: “Wat betekent inclusiever onderwijs concreet? Hoe ziet de school van de toekomst eruit?”. Petra de Blok (van de belangengroep Onderwijsaffaire)  en Tineke Timmerman (van actiegroep Boze Ouders) namen hier namens Balans Vereniging voor Ouders aan deel en stelden bovengenoemde vragen aan ouders. 

Met een uitgewerkte samenvatting van 425 reacties togen zij op 6 april 2022 naar de bijeenkomst in de Jaarbeurs in Utrecht. 

Lees hier de resultaten van de poll.

Introductie

De bijeenkomst begon met een voorstelrondje. Daarna werden de aanwezigen verdeeld in kleine werkgroepen en gingen Petra en Tineke ieder naar een aparte ruimte om de inbreng van ouders te laten horen bij de uitwerking van de “hoe” vragen. 

Leerkrachten 

Verrassend was de aanwezigheid van vertegenwoordigers van het AOB (Algemene Onderwijsbond) die eerder in een brief hadden laten weten niet aanwezig te zullen zijn, omdat zij ervoor pleiten dat “eerst de basis op orde moet zijn” voordat er gedacht zou kunnen worden aan inclusiever onderwijs. 

Werkgroepen

Met gespreksleiders van OCW werden de groepsleden bevraagd betreft specifieke onderwerpen zoals “hoe onderwijs te volgen” en “extra ondersteuning in de les?” 
De groepsleden bestonden uit zowel ouderorganisaties, leerkrachten, onderwijsconsulenten, schoolbestuurders en samenwerkingsverbanden (SWV’s) en hadden ieder hun eigen bedenkingen. Leerkrachten over de werkdruk en het lerarentekort, SWV’s en directies willen ontschotting van budget vanuit de (jeugd)zorg. Ouderorganisaties willen vooral dat er vanuit het kind gedacht wordt en dat de ‘mind-set’ verandert zodat ieder kind zich welkom mag voelen. Toch was men het over het algemeen wel eens over de meest ideale situatie: kleinere klassen, (individuele) ondersteuning voor zowel kind als leerkracht, eigen leerlijnen en meer flexibiliteit. 

Petra en Tineke benadrukten de voornaamste wensen van ouders: 
Verreweg de meeste ouders kiezen ervoor dat kinderen met een ondersteuningsbehoefte een eigen ondersteuner krijgen in een reguliere klas. 

Ouders gaan uit van een kind wat thuisnabij, op een reguliere school onderwijs kan volgen, míts er sprake is van flexibiliteit.  Ouders willen voor hun kind ook de mogelijkheid voor thuisonderwijs en online onderwijs.  Men wil dat onderwijs niet verplicht wordt binnen de schoolmuren, maar ook op ontwikkelplekken of zorgplekken kan plaatsvinden. Het liefst hybride.  

‘Zorg’kinderen

Het viel op dat zodra een kind meer ondersteuning nodig heeft dan een overvolle klas met een leerkracht onder grote werkdruk kan bieden, men al snel over “zorg” spreekt. 
In veel gevallen gaat het volgens ouders niet over zorg, maar over basisvoorwaarden om tot goed onderwijs te kunnen komen en werkt het erg stigmatiserend om dat ‘zorg’ te noemen. 

Kinderen met een beperking die ‘echte’ zorg nodig hebben, moeten dat natuurlijk ook in het onderwijs kunnen krijgen, maar wél met ouders in de regie en niet de school. Terwijl de schoolbestuurders ook daarin liever de regie hebben om tot een eenduidig (zorg)aanbod te kunnen komen. 

In deze discussie vroegen ouders ook aandacht voor kinderen zonder zichtbare beperking. Want vaak lijken zij in de Inclusief Onderwijs discussie vergeten. 

Tekeningen

Net zoals bij het Veldtraject Evaluatie Passend Onderwijs in 2019 zaten er tekenaars aan tafel die wat zij hoorden samenvatten in kleine striptekeningen waar een grote “praatplaat” van werd gemaakt. Een leuke manier om “notulen” te maken, maar het kan ook misleidend zijn omdat een tekenaar tekent wat hij net ter tafel hoort, zonder te wachten op de conclusie van het gespreksonderwerp van de gehele groep. 
Zo kwam op de praatplaat een tekening terecht dat zowel regulier onderwijs als speciaal onderwijs inclusiever moest. Terwijl na reactie van de groepsgenoten naar voren kwam dat er geen sprake kon zijn van inclusief onderwijs als de huidige vorm van speciaal onderwijs zou blijven bestaan.  

Na de groepssessies werden de praatplaten besproken door de gespreksleiders voor alle aanwezigen en was de middag afgelopen. 

Na deze middag volgen nog verschillende vervolgbijeenkomsten met als doel te komen tot een routekaart naar inclusiever Onderwijs.  

Petra en Tineke, namens Balans en alle ouders van kinderen met een ondersteuningsbehoefte, bedankt dat jullie de stem van de ouder tijdens de bijeenkomst hebben laten horen.  

Zoek op deze website:

  • Categorie

  • Diagnose/Aanleg

  • Leeftijd

  • Regio

  • Documenttype