Tips voor het invullen
Facebook groep Tips en klachten Dubbele kinderbijslag NL
Wij horen heel verschillende ervaringen van ouders die een aanvraag doen voor dubbele kinderbijslag. Voor de beoordeling van de aanvraag is het belangrijk dat je met de juiste woorden omschrijft waarom je kind zorgintensief is.
Beschrijf een slechte dag
Neem de slechtste dag van je kind en beschrijf deze.
- Wat moet je als ouder allemaal doen om te zorgen dat je kind kan functioneren.
- Is wat er verwacht kan worden van je kind reëel ten opzichte van leeftijdsgenoten.
(Komt het functioneren overeen met dat van leeftijdsgenootjes) - Beschrijf uitgebreid en soms in detail wat je als ouder doet. Zie onderstaande voorbeelden van hoe je wat kan beschrijven.
We zijn snel geneigd de dingen te benoemen die goed gaan. SUPER maar daarmee vergeet je vaak wel wat je eigenlijk allemaal doet om daar te komen.
Voorbeelden van ondersteuningsbehoeften
Lichaamshygiëne
- Je kind kan alleen douchen onder begeleiding (bijvoorbeeld i.v.m. angst, valgevaar, stappenplan doorlopen, aansporing, lichamelijke problemen)
- Tandenpoetsen lukt alleen onder begeleiding (bijvoorbeeld vanwege angst, motorisch niet kunnen, vergeten)
Aankleden
- Kind kan zich alleen aankleden als alles op volgorde ligt.
- Kind heeft continu aansturing nodig
- Strikken en knopen lukt niet
Zindelijkheid
- Alleen als je kind dag en nacht luierdragend is, krijg je een punt. Dus niet als er ongelukjes zijn, je kind bang is om naar de wc te gaan of vergeet naar de wc te gaan.
Eten/drinken
Alleen als er sprake is van een eetstoornis, krijg je hiervoor een punt. Of als je kind sondevoeding krijgt, of niet kan eten vanwege de motoriek. Je krijgt dus geen punt als je ‘alleen’moet helpen met smeren of snijden of als er speciaal bestek nodig is.
Mobiliteit / Lopen
- Hiervoor krijg je alleen een punt als je kind in rolstoel zit en zich ook niet zelfstandig kan voortbewegen in de rolstoel. Of als je kind niet kan lopen zonder hulp / ondersteuning / begeleiding.
Medische verzorging
- Hiervoor krijg je een punt, als je als ouder verpleegkundige handelingen moet verrichten bij je kind. Maar insuline toedienen, valt hier in de meeste gevallen niet onder.
Gedrag
- Hiervoor krijg je alleen een punt als een deskundige (arts, gz-psycholoog, psychiater) zelf heeft vastgesteld (door het gedrag van je kind te observeren) dat er 24/7 alertheid of aanwezigheid van ouders nodig is i.v.m. kans op escalaties. Bij gedragsproblemen vanwege ADHD, bij overprikkeling of gevaarlijk gedrag (sloopgedrag, wegloopgedrag, zelfbeschadiging, uitprobeergedrag) wordt geen punt toegekend – tenzij een deskundige dus zelf heeft vastgesteld dat er 24/7 kans is op escalaties.
Communicatie
- Hiervoor krijg je alleen een punt als een kind zichzelf totaal niet duidelijk kan maken – ook niet met gebarentaal. Maar als je kind hulp bij het communiceren nodig heeft vanwege TOS, selectief mutisme of autisme, wordt vaak geen punt toegekend.
Alleen thuis zijn
- Hier krijgen kinderen alleen een punt als door kenmerken van diagnose/gedrag een kind totaal niet alleen gelaten kan worden omdat er escalaties kunnen ontstaan. En CIZ vraagt vaak of een kind flexibel adequaat kan handelen / hulp inschakelen bij onverwachte situaties (bijvoorbeeld brand).
Begeleiding buitenshuis
- Het moet duidelijk zijn dat je kind buitenshuis begeleiding nodig heeft. Dat het niet alleen naar buiten kan vanwege een stoornis / handicap.
Bezighouden
Een score kan verkregen worden als een kind zichzelf niet kan vermaken. Als ouders moeten helpen met keuzes maken en helpen als er onverwacht iets gebeurd. Ook kan een punt worden toegekend als ouders bewezen structuur bieden door planners, time-timer, gesproken woorden zoals “Over 5 minuten….”, etc.. En als dit impact heeft op de complete levensstijl van het gezin.
Alle onderdelen moeten onderbouwd worden met verslagen. In elk geval het diagnoseverslag (van de juiste deskundige) en 1 recent verslag. In zo’n verslag (bijvoorbeeld van school, hulpverlener, therapeut, oppas, coach) moeten kenmerken en begeleidingsaspecten worden beschreven die de zorg logisch verklaren.

