Scroll Top

Wijntje van der Ende (1951) is opgeleid als musicus en muziektherapeut én als kunstenaar en beeldend therapeut. Zij werkte samen met kinderpsychiaters met beide therapievormen die vaktherapie genoemd worden. Met haar boek ‘Affectregulatie via beeld en muziek voor kinderen met ontwikkelingsproblematiek’ geeft zij cursussen over het helpen reguleren van de sociaal affectieve ontwikkeling door non-verbale afstemming op het kind. Contact: [email protected]

Hieronder lees je meer informatie over affectregulatie via beeld en muziek bij kinderen.

 

Van zacht naar hard tekenen hoe je je voelt
Samen ritme afstemmen met kwasten in stippen

Thuis en op school maken kinderen zich allerlei kennis en vaardigheden eigen. Tegelijk met de cognitie groeit het vermogen om met gevoelens om te gaan van zichzelf en van anderen. Als het voorspoedig gaat, ontstaat uit de wisselwerking tussen verstand en gevoel het vermogen van het kind om zich sociaal te gedragen. Aan de basis van sociaal gedrag ligt een balans tussen voor jezelf opkomen en de ander ruimte geven. Voordat het kind aan een evenwichtige wisselwerking toe is, zijn er behoeften op het gebied van vertrouwen opbouwen, rustig en duidelijk leiding krijgen, gezien en bevestigd worden. Als het niet goed gaat met een kind kan het zijn hulpvraag niet verwoorden en laat het zijn moeite in gedrag zien. Dat kunnen we aanvoelen als een uitnodiging aan ons als volwassenen om achter het gedrag te lezen wat er speelt bij het kind, uitgaande van een niet kunnen, ook al lijkt het kind niet te willen. De knoop waar een kind in zit kan mentale groei verhinderen. Uitgaan van goede intenties en eerlijke behoeften van het kind vraagt wel een vertaalslag, die wij als volwassenen kunnen en moeten maken.

Affectregulerend opvoeden

Gevoelens reguleren (affectregulatie) in een opvoedingssituatie gaat ongeveer zo:

Pim heeft honger. Pims moeder is laat met koken. Pim wil iets wat niet kan. Hij vraagt om een snoepje. Moeder zeg affectregulerend: ‘Goh, Pim ik snap dat je zin hebt in snoep. Maar … dat is nou jammer! Want het kan nu niet. Het eten is bijna klaar. Je mag wel heel even spelen’. Pim moet een wending maken, slikt de teleurstelling. Vervolgens rond de moeder vriendelijk af met nog een beetje aandacht. ‘Ga je met een puzzel of met lego spelen?’
Als een ouder niet affectregulerend reageert, klinkt het zo: ‘Hè Pim, zie je niet dat ik sta te koken! Je weet best dat het onzin is om zoiets te vragen. Punt.’ Pim blijft alleen met zijn teleurstelling. Voelt zich weggestuurd.

Even begrip tonen en erkenning geven door de ouder op een behoefte of een gevoel van het kind, betekent niet dat je gedrag goedkeurt. Wat jij als ouder verwacht aan gedrag kun je juist heel goed duidelijk maken nádat je de behoefte of het gevoel hebt erkend, omdat het eerst even tonen van empathie stressverlagend werkt.

Het onlangs verschenen boek ‘Affectregulatie via beeld en muziek voor kinderen met ontwikkelingsproblematiek’ geeft zicht op hoe sociaal affectieve processen werken en hersteld kunnen worden door de juiste begeleiding of behandeling. Interessant voor ouders, leerkrachten, schoolbegeleiders en behandelaren.

Beter leren afstemmen op elkaar

Problematiek zoals aandachtstekortstoornis en autisme zijn wel blijvend, maar kind en ouders kunnen toch beter leren afstemmen op elkaar in een goed lopend contact met hun kind. Gehechtheidsproblematiek, oppositioneel opstandige gedragsproblematiek, angsten verminderen door affectregulatie. Omdat ik zoveel kinderen heb zien opbloeien door de affectregulerende benadering, wil ik als therapeut en auteur met het boek bijdragen aan begripsvorming over wat affectregulatie inhoudt voor kinderen en hun ouders in behandeling, opvoeding, onderwijs en voorschoolse educatie.

Hier zie je de praktijkruimte in Deventer, waar nascholingscursus geboden wordt aan therapeuten, ouders, leerkrachten om non verbale interventietechnieken in lichaamstaal via muziek en beeld te leren kennen.

Toepassing van affectregulatie op eigen werkgebied krijgt aandacht in de cursus door middel van samen doen, improvisatie en rollenspel.

Ook op locatie kan cursus worden aangeboden, mits er speelruimte is voor praktische oefening met instrumenten en beeldende materialen. Ervaringskennis door praktische oefeningen aan theorie te koppelen versterkt affectregulerend vermogen.

Hieronder volgen drie teksten, te weten: ‘ten geleide’, ‘voorwoord’ en ‘nawoord’ uit het boek van Wijntje van der Ende. De teksten zijn geschreven door deskundigen, die het boek als manuscript hebben gelezen. Het is uitgegeven eind 2022 bij www.gompel&svacina.eu.
Onderstaande teksten geven een indruk welke gebieden het boek bestrijkt. Het is een heel toegankelijk geschreven vakboek voor professionals op gebied van behandeling, onderwijs en opvoeding, doordat het rijk is aan sprekende voorbeelden van kinderen die opbloeien als ze hulp krijgen op een affectregulerende wijze.

1. TEN GELEIDE

Geschreven in 2022 door Liesbet Nijssens, PhD-onderzoeker naar ouderlijk reflectief functioneren en ontwikkeling van het jonge kind aan Katholieke Universiteit Leuven; werkzaam als MBT trainer en supervisor bij het expertisecentrum MBT Nederland en België; psychoanalytische psychotherapeut.

Mentaliseren betekent dat we contact proberen te maken met onze eigen binnenwereld en/of die van anderen. Hierdoor ontstaat er verbinding, met onszelf maar ook met anderen. Mentaliseren helpt om onszelf en anderen beter te begrijpen. Soms loopt dit proces echter niet vanzelfsprekend. We hebben niet altijd grip op onze emoties en ervaringen. Of we hebben niet altijd zicht op hoe we overkomen. We begrijpen onszelf niet altijd. En ook in contact met anderen kunnen we ons misbegrepen voelen of lukt het niet om de ander te begrijpen.

Binnen de psychologie is er veel aandacht voor het begrip mentaliseren en de rol hiervan bij het begrijpen van psychopathologie en/of psychische klachten. Mentalization-based treatment (MBT) is een evidence-based behandeling die zich richt op het bevorderen van mentaliseren. Veelal gaat het hierbij over een talig proces, waarbij de therapeut de cliënt helpt om in contact te komen met emoties, gedachten, gevoelens en bedoelingen en deze ervaringen in woorden uit te drukken. Zodoende ontstaat er een doorvoeld begrijpen en een doordacht voelen. Dit kan echter een behoorlijke uitdaging zijn, want soms kan wat gevoeld wordt nog niet in taal of woorden uitgedrukt worden. Soms zijn affecten nog niet gerepresenteerd en kunnen deze enkel uitgedrukt worden.

Affectregulerende vaktherapie richt zich via beeld en/of muziek op drie belangrijke pijlers in de socio-emotionele ontwikkeling van kinderen, namelijk: aandachtscontrole, emotieregulatie en mentaliseren. De auteur van dit boek beschrijft fijnzinnig hoe de mentaliserende basishouding een centrale plek heeft binnen de affectregulerende vaktherapie. Steeds opnieuw wordt gekeken naar hoe het kind zich uit en wat het tracht te communiceren. Via nieuwsgierig waarnemen en begrijpen via muziek en beeld wordt aansluiting gezocht met het kind, op het niveau van het kind. Sleutelbegrippen hierbij zijn: synchroniciteit, spiegeling, sensitiviteit en responsiviteit. Deze vorm van non-verbaal mentaliseren is ook zeer bruikbaar binnen verbale therapieën. Als therapeut luister je immers niet enkel naar de woorden van de cliënt, maar probeer je verder te kijken en dieper te luisteren naar wat deze woorden communiceren. Door meerdere informatiebronnen te gebruiken (bijvoorbeeld intonatie en toonhoogte, pauzes, gelaatsexpressie, lichaamshouding) lukt het beter om af te stemmen op de cliënt waardoor er toenemend vertrouwen en verbinding kan ontstaan en mentaliseren kan ontwaken.

De reikwijdte en werkzaamheid van affectregulerende vaktherapie wordt concreet en helder omschreven, waarbij er een mooie balans is tussen een stevige theoretische onderbouwing en concrete handvatten voor de praktijk. De beschreven voorbeelden raken je recht in het hart en getuigen van een hoge mate van afstemming en creativiteit. Het boek maakt duidelijk welke meerwaarde mentaliseren kan hebben binnen vaktherapie, maar ook wat vaktherapie te bieden heeft in de context van het bevorderen van mentaliseren. Hiermee worden het communicerende vaten die elkaar kunnen verrijken en wordt de brug geslagen tussen verbale en non-verbale therapie. Het inspireert psychotherapeuten tot kennis van non-verbaal affectreguleren, daar waar vaktherapeuten geïnspireerd worden tot kennis van verbale mentaliserend-bevorderende psychotherapie.

2. VOORWOORD

Geschreven in 2022 door Annerieke van de Schepop en Sievert Leutscher
Kinder- en jeugdpsychiaters, waar Wijntje mee samenwerkte.

Met veel plezier geven wij gehoor aan het verzoek een voorwoord te schrijven.
Soms kom je als kinder- en jeugdpsychiater in aanraking met een vernieuwende behandelmethode en blijkt deze in de praktijk van grote meerwaarde. De in dit boek uitgewerkte en praktisch beschreven methode is zo’n parel.

Vanaf 2013 tot aan haar, herhaald uitgestelde, pensioen in 2021 hebben wij intensief samengewerkt met de even bescheiden als bevlogen en kundige vaktherapeut Wijntje van der Ende. We hebben kennis gemaakt met de theorie onderliggend aan affectregulerende vaktherapie en veel van de bij ons in onderzoek- en behandeling zijnde kinderen hebben inmiddels kunnen profiteren van deze non-verbale therapievorm.
In de professionele en persoonlijke samenwerking met Wijntje hebben we van dichtbij kunnen zien hoe Wijntje er in slaagde theorie en praktijk steeds beter met elkaar te verbinden. Een ambachtelijke meesterproef met als resultaat het boek dat voor u ligt.

Het leren reguleren van emoties is een uitdaging. in een fase waarin de mogelijkheid deze bewust en gedifferentieerd te ervaren er (nog) niet is. Als de verbinding met taal nog niet of maar beperkt gemaakt kan worden terwijl dat wat ervaren wordt overweldigend, niet te sturen of heel bedreigend kan zijn, zet dit het contact met de eigen binnenwereld, met die van anderen en daarmee de ontwikkeling van mentaliserende vaardigheden onder druk. De basis van alle wederkerige, betekenisvolle relaties.
Emotieregulatie-problemen komen veelvuldig voor bij kinderen met psychiatrische (ontwikkelings-) problematiek en kunnen een veelvoud aan oorzaken hebben. Te denken valt hierbij aan trauma’s, ontwikkelingsstoornissen, gehechtheidsproblematiek.
Het vinden van de juiste aansluiting met een kind op tempo, ritme en kleur, kortom ‘non-verbale taal’ om vandaar uit samen te onderzoeken en te ontvouwen wat zich mogelijk kan ontwikkelen is een vak op zich. Het was voor ons fascinerend te zien hoe kinderen dan opbloeiden.

De in dit boek zeer zorgvuldig beschreven en handzaam uitgewerkte methode geeft vaktherapeuten die deze voor kinderen en hun ouders zo waardevolle uitdaging willen aangaan een antwoord op de vraag: Maar hoe dan?
Wijntje neemt je aan de hand, vertaalt in haar eigen stijl en ritme het non-verbale naar helpende taal en context. Ze doet dit met de precisie, toewijding en vasthoudendheid die wij en de kinderen die zij de afgelopen jaren bij en met ons heeft behandeld zo goed van haar kennen.
Voor iedereen die kennis wil maken met deze methode, nieuwsgierig is en zich wil verdiepen biedt dit boek een waardevolle doorkijk in de fascinerende wereld van groei en ontwikkeling door middel van ‘non-verbale taal’.

Wij verwachten dat veel kinderen en hun ouders de komende jaren van deze behandelvorm gaan profiteren.

3. NAWOORD

Geschreven in 2022 door Dr. Marinus Spreen. Lector onderzoeksmethodologie Social Work and Arts Therapies. NHL Stenden Universiteit. De aanbeveling is als nawoord gepubliceerd in het boek over affectregulatie via beeld en muziek voor kinderen met ontwikkelingsproblematiek.

De laatste decennia wordt gestreefd naar ‘evidence-based’ behandelingen in de zorg. Dit betekent dat je al s individuele therapeut bewijs dient te leveren dat wat jij doet als behandelaar ook werkt voor je clientèle, zodat jouw behandeling ingekocht kan worden. Vaktherapie wordt daarom vaak geschaard onder psychotherapeutische behandelmethoden of bij diagnosen. Lange tijd was daarbij de opvatting dat evidentie alleen aangetoond kan worden door groepen met elkaar te vergelijken. In dit boek wordt echter het resultaat beschreven van de zoektocht van de auteur om evidentie te verzamelen voor non-verbale therapieën met behulp van muziek en beeld om kinderen te ondersteunen in het verwerven van adequate affectregulerende vaardigheden.
De auteur, beeldend en muziektherapeut, beschrijft de affectregulerende vaktherapie-methode binnen een breed kader van kunstwetenschappen, hersenonderzoek en ontwikkelingspsychologie. Zij beschrijft een andere manier van ‘evidence-based’ werken, namelijk niet de diagnose maar het kind en de kunsten centraal stellen als het eigene van vaktherapie, en op basis van de connectie met het kind door middel van een gepersonaliseerde therapie het kind helpen. Niet alleen een aanrader voor iedere vaktherapeut, maar ook voor onderzoekers, zorgprofessionals en ouders die willen leren van de werkwijze van de auteur.

 

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.