Als een kind niet in het ‘gemiddelde’ past
Danielle Goedhart-Bax is orthopedagoog-generalist en moeder van drie kinderen. Aan de universiteit leerde zij hoe de ontwikkeling van een kind verloopt volgens de theorie en de modellen uit de studieboeken. Dat legde een stevige basis. Maar de meest waardevolle lessen leerde zij pas later, in haar rol als moeder.
Een bruisend, temperamentvol kind
Ik kreeg een kind dat zich niet ontwikkelde volgens de bekende curves van het consultatiebureau. Geen gemiddeld verloop, maar een bruisend, temperamentvol en (prikkel)gevoelig kind. Zelf noem ik mijn kind liever een confettikind. Kleurrijk, intens en soms alsof de confetti met kracht uit een kanon wordt geschoten. Druk in het hoofd, chaos, maar ook met levendigheid. Een feestje, al voelt het niet altijd zo. Juist daarom koos ik bewust voor die naam, als tegenhanger van de negatieve labels die kinderen al snel krijgen opgeplakt: opstandig, boos, onaangepast of vervelend.
Niet lastig, niet fout, maar een signaal
Als moeder ervaarde ik hoe lastig het kan zijn om een omgeving te vinden die echt aansluit bij de ontwikkeling van je kind. Hoe sterk de focus vaak ligt op het bestrijden van gedrag, in plaats van het begrijpen ervan en het afstemmen op wat een kind nodig heeft. Gedrag wordt al snel bestempeld als probleemgedrag, maar vaak vertelt dit gedrag ons juist iets over de onderliggende behoeften en gevoelens van een kind. Daarom zie ik ‘probleemgedrag’ als signaalgedrag: een uitnodiging om onder de ijsberg te kijken, voorbij het gedrag dat je op het eerste gezicht ziet. Wat probeert een kind ons te vertellen? Wat heeft het nodig om zich veilig, verbonden en vrij te voelen om zich op een fijne manier te ontwikkelen? Vaak draait het precies om die drie basisbehoeften: veiligheid, verbinding en autonomie.
Ervaring rijker
Het was hard werken om te zoeken naar wat paste. Ondanks alle positieve inzet vanuit het onderwijs. Gaandeweg kwam mijn confettikind gelukkig goed op zijn pootjes terecht. Maar deze ervaring maakte mij niet alleen rijker als moeder, maar ook als professional. Net voordat ik moeder werd, opende ik mijn eigen praktijk met een duidelijke, oplossingsgerichte missie. Niet eindeloos wroeten in labels of onderzoeken, maar kijken naar wat een kind nodig heeft in het hier en nu, altijd in samenwerking met de omgeving. Inmiddels doe ik dit werk niet meer alleen. Ik bouwde een team op van dertig professionals en samen helpen wij jaarlijks zo’n achthonderd gezinnen, ouders en kinderen met een positief zetje in de rug. Het moederschap gaf een verdiepende laag in mijn werk met gezinnen en kinderen. En daar ben ik dankbaar voor. Nog steeds zie ik dagelijks in mijn praktijk kinderen die moeilijk begrepen worden. Kinderen die te horen krijgen dat ze ‘gewoon’ niet willen leren, ongemotiveerd of lui zouden zijn. Kinderen die thuiszitten, die zich gewoon maar eens moeten ‘aanpassen’ of een keertje moeten doorzetten. Ouders die
zeggen dat ze niet meer weten wat ze met hun kind aan moeten, omdat het lijkt alsof hun kind depressief of altijd boos is.
Kinderen doen het goed, als zij dit kunnen
Maar echt, geen enkel kind is in de basis lui of ‘opstandig’ geboren. Elk kind heeft de behoefte om zich te ontwikkelen en het goed te doen. Geen enkel kind wil buiten de groep of de maatschappij vallen. Alleen het tempo en de manier waarop een kind ontwikkelt verschilt per individu. En daarbij komt: niet ieder kind floreert in dezelfde omgeving. Wanneer een kind eruit springt, zie ik dat als een signaal. Het is aan ons als volwassenen om te luisteren wat het ons vertelt, aan te sluiten en samen te puzzelen.
Diversiteit is heel normaal
Eerlijk is eerlijk, we hebben met elkaar een systeem gebouwd waarin we verwachten dat kinderen klakkeloos mee kunnen draaien. Van kinderopvang tot onderwijs en later het werkende leven. Niet ieder kind past vanzelfsprekend in dat systeem. Diversiteit is heel normaal, maar onze maatschappij is daar slechts beperkt op ingericht. Wanneer een kind te ver afwijkt van de norm, beginnen systemen te piepen en te kraken. Dat maakt het voor ouders vaak tot een zoektocht om te ontdekken wat wel werkt en past voor hun kind. En daar help ik ouders nog steeds met alle liefde bij. We hoeven ons niet gek te laten maken door de druk van buitenaf. Langdurige stress is voor niemand gezond, zeker niet voor een brein dat nog in ontwikkeling is. Kijken naar het kind en naar wat het nodig heeft, is vaak al genoeg. Zodat alles weer op zijn pootjes terecht kan komen, daar maak ik me de komende jaren nog graag hard voor!
Op basis van haar werkervaring en haar eigen moederschap besloot Danielle een toegankelijk boek voor ouders van bruisende, temperamentvolle en gevoelige kinderen te schrijven: Confettikinderen. Haar boek is (o.a.) te koop via confettikinderen.nl. Danielle deelt ook regelmatig psychologische & ouderschapsinzichten via haar persoonlijke instagram en via haar website.
Lees meer over Danielles boek Confettikinderen en waarom zij het belangrijk vindt om te ‘normaliseren’ en niet te ‘problematiseren’. Lees ook onze Balansdossiers Opvoeding & Ontwikkelingsproblemen.
Dit artikel verscheen eerder in Balans Magazine 1-2026. Wil je ook ons magazine ontvangen? Word dan nu lid. Bekijk hier de voordelen.

