Scroll Top

Wanneer is een kind ‘hoogbegaafd’? Wat zijn de kenmerken, of is een hoog IQ alleen voldoende om hoogbegaafd te zijn?

‘Een kind wordt ‘hoogbegaafd’ genoemd als het zich sneller ontwikkelt dan 97% van zijn leeftijdsgenoten. Opvallend is het verloop van de spraak- en taalontwikkeling. Bij veel hoogbegaafden verloopt deze zeer snel. Zij kunnen bijvoorbeeld op driejarige leeftijd al lezen en al jong (proberen te) schrijven. Het kind lijkt zich haast ‘vanzelf’ van alles aan te leren en kan in korte tijd grote hoeveelheden informatie verwerken. Hierdoor ontwikkelt het zich ook in sociaal, emotioneel en persoonlijk opzicht anders dan zijn leeftijdsgenoten. Het heeft andere, diepgaandere interesses en kan (zeer) gevoelig zijn voor prikkels.’

Tegen welke problemen kunnen leerlingen die hoogbegaafd zijn aanlopen op school?

‘Een vierjarig hoogbegaafd kind kan op het moment dat het naar school gaat soms al lezen op het niveau van groep 4, en ook al schrijven en rekenen. Hierdoor kan dit kind op school teleurstelling ervaren omdat het de verwachting had écht te gaan leren. Bovendien wordt dit kind in ontwikkelingsniveau enkele jaren ‘achteruit’ gezet omdat het speel-/leeraanbod in groep 1 is afgestemd op gemiddeld vierjarigen: het wordt ‘gedwongen’ tot onderpresteren. Vanaf de eerste schooldag ondervinden hoogbegaafden daarom motivationele, sociale, emotionele en cognitieve problemen, die in de loop der tijd alleen maar toenemen. Deze komen onder meer tot uiting in ‘lastig’, ‘geïsoleerd’, ‘faalangstig’ of ‘te aangepast’ gedrag.’

Hoe kun je problemen met leren voorkomen bij deze kinderen?

‘Problemen zijn te voorkomen door onderwijs aan te bieden dat optimaal past bij de ontwikkel- en leerbehoeften van alle leerlingen. Dit kan door van elk kind, op het moment dat het naar school gaat, de ontwikkelingsniveaus te bepalen en deze direct te ‘vertalen’ in een hierop aansluitend speel- en leeraanbod. Spelen en leren kunnen het beste in subgroepen van leerlingen plaatsvinden, via goed voorbereide speel-/leersituaties. Wanneer leerlingen daarbij kunnen kiezen uit vele, goed begeleide activiteiten kunnen zij zelfregulerend spelen en leren. De vorderingen van leerlingen zijn in kaart te brengen door deze te vergelijken met zowel de eigen individuele vorderingen in het verleden als de landelijke normen.’

Meer over Ton Mooij

Ton Mooij (1948) is bestuurslid bij de stichting Kenniscentrum Makkelijk Lerenden (KML). Hij was bijzonder hoogleraar aan de Open Universiteit te Heerlen én senior onderwijsonderzoeker, manager en ontwikkelaar aan het Instituut voor Toegepaste Sociale wetenschappen van de Radboud Universiteit te Nijmegen. Hoogbegaafdheid en de optimalisering van onderwijs is al bijna veertig jaar één van zijn onderzoeksonderwerpen. In 1991 kreeg hij de ‘Wolters Kluwer Prijs’ voor zijn boek Schoolproblemen van hoogbegaafde kinderen,  Richtlijnen voor passend onderwijs. (Uitgeverij Coutinho). Samen met scholen voor primair en voortgezet onderwijs ontwikkelde hij onderwijscondities waarin verschillende leerlingen en hun leerkrachten of docenten, ouders en schoolmanagement aantoonbaar beter kunnen functioneren.

Meer weten?

Op deze pagina’s lees je meer over hoogbegaafdheid.

Buiten dit dossier hebben we hebben nog meer informatie over Hoogbegaafdheid. Die vind je door Hoogbegaafdheid in te toetsen in het zoekmenu. En bij de ‘gerelateerde berichten’.

Ook organiseren we regelmatig webinars, ook over Hoogbegaafdheid. Check onze agenda.

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.