Scroll Top

Leren en ontwikkelen buiten school 

Ontwikkeling voor élk kind, ook als het niet naar school gaat. Dat is revolutionair. Terugkeer naar school was altijd het uitgangspunt. In de pilot WEL in Ontwikkeling gaat het om wat voor het kind werkt. Ook al is dat buiten de schoolmuren en het standaard lesaanbod. Een omslag in denken.

Het aantal kinderen dat uitvalt uit het onderwijs neemt toe. De minister komt op 13.700, Balans schat eerder 20.000. Voorzieningen voor deze kinderen waren altijd gericht op terugkeer naar school, want ‘er is leerplicht’ en ‘leren doe je op school’. Voor een groep kinderen werkt dit schoolsysteem echter niet (meer). Door trauma. Of een andere manier van ontwikkelen.

WEL in Ontwikkeling laat terugkeer los en kijkt naar wat wél werkt. ‘Het vraagt een andere denkwijze,’ zegt Lazlo van Donkelaar, projectleider van WEL in Ontwikkeling en verbonden aan Gedragswerk. ‘Er ontstaat een heel ander gesprek: in plaats van tegenover elkaar te staan, trekken instanties en ouders gelijk op.’

Fotocursus en bureau

Het kind maakt een reis in ontwikkeling. Het bepaalt een bestemming en wat het daarvoor nodig heeft. Het Reisbureau helpt daarbij. Dat is een MDO (multidisciplinair overleg) in een ander jasje, en daarom met een andere naam. Zo wilde een kind leren fotograferen. Lazlo: ‘We benaderden de fotozaak op de hoek en er bleek een klik.’ Het antwoord kan ook heel anders zijn dan een leeraanbod. ‘We kwamen bij een jongen thuis. Overal verhuisdozen. We zorgden voor een bureau en een bureaustoel, witten de muren en zetten een boekenkast in elkaar. Bij hem was onderwijs niet het probleem, maar dat zijn leven niet bij onderwijs paste.’

Open zoektocht

De pilot wordt betaald met ‘NPO-gelden’ die scholen krijgen voor het wegwerken van leerachterstanden die leerlingen hadden opgelopen door thuisonderwijs in coronatijd. Kinderen die al niet naar school konden, hebben óók recht hierop, meent Balans. Zij zitten altijd thuis. Het ministerie stond daarvoor open en nodigde ook leerplichtorganisatie Ingrado, OZJ en Gedragswerk uit. In een werkatelier kwamen ze tot deze pilot. Daaraan doen nu 116 samenwerkingsverbanden mee, ongeveer een derde van heel Nederland. Elk samenwerkingsverband heeft budget om vijf kinderen te helpen via dit traject.

Deze omslag in denken zal niet iedereen makkelijk vallen. Lazlo: ‘De intrinsieke motivatie is er vaak wel, maar dan mist ruimte in het hoofd of het budget. Dat is nu allemaal geregeld. Onderwijs is een trage olietanker die je moet bijsturen. Uiteindelijk kan de hele tanker langzaam die kant opgaan. En dan is deze benadering voor elk kind mogelijk.’ Maar het lerarentekort dan? Lazlo: ‘Mogelijk kunnen andere partijen iets bieden. In Rotterdam voert MEE nu de gesprekken,
samen met een consulent van het samenwerkingsverband.’

Mensenwerk

Anders dan bij het MDO ervaren ouders hierbij geen leger zorg- en onderwijsmensen tegenover zich, maar medestanders. Lazlo: ‘Verbinding is heel belangrijk. Anders kom je niet verder. Dat geldt voor alle partijen. Iets escaleert niet omdat iets niet kan, maar omdat mensen botsen. Dat kan óók bij de ouder liggen. Het blijft mensenwerk.’ Inmiddels is bekend geworden dat WEL in Ontwikkeling nog eens twee jaar door kan gaan

Een reis in 7 etappes

De reis die het kind in WEL in Ontwikkeling maakt, kent zeven haltes:

1. Wensdroom bepalen
2. Breinstretchen: uit je bekende denkgroef
3. Divergeren: brainstormen en ordenen
4. Convergeren: ideeën uitwerken
5. Mijmeren: terugblikken, vooruitkijken, richting opnieuw bepalen
6. Reisplan maken: reisplan uit-werken en etappes bepalen
7. En soms is ruimte nodig in het proces: de pleisterplaats

Marlies werkt weer aan haar toekomst

‘Leraren begrepen me nooit. Ze hadden geen oog voor mijn dyslexie en slechtziendheid. Ik had school losgelaten.’ Marlies Orriëns, nu achttien jaar, viel zo uit het onderwijs. Sinds vorig jaar werkt ze dankzij WEL in Ontwikkeling weer aan perspectief. ‘Voor het eerst vroeg iemand wat ík wilde. Ik heb nu weer hoop. Ik wil iets creatiefs doen, ook cursussen hierover geven of erover vertellen.’

Vader Jurgen was toen zowel Marlies als haar broer Rogier uitviel, gevlucht in zijn werk, zoals meer vaders blijken te doen als hun kind vastloopt. Dankzij WEL in Ontwikkeling viel een last van zijn schouders. ‘Ik was zelf ook de man met de hamer tegengekomen. Ik kan het nu meer loslaten. We hebben geboft. Anders waren de kinderen uit huis geplaatst. We hadden al een melding bij Veilig Thuis.’

Lees hier het hele verhaal van Marlies en Jurgen.

Een ander gesprek; van frustratie naar verlangen

Als je bij een kind komt met het idee dat het weer terug naar school móét, voelt het dat. Kom met een mindset die open en nieuwsgierig is, luister naar dromen en wensen. Dit volgt uit onderzoek van het OZJ (Ondersteuningsteam Zorg voor de Jeugd) voor WEL in Ontwikkeling. Sandra Schenk voert namens het OZJ gesprekken met uitgevallen kinderen en hun ouders. ‘Hierdoor leren we wat wel en niet werkt.’

 

‘De gesprekken bleken ook een interventie op zich,’ zegt Sandra. ‘We vragen zonder agenda en vanuit nieuwsgierigheid en verwondering. Zo had een samenwerkingsverband het over een ‘lastige’ vader die geen hulp zou willen. Dat wilde hij wél, maar uit angst het verkeerde voor zijn dochter te doen, was hij heel beschermend geworden. Na ons gesprek kwamen de vader en het samenwerkingsverband weer in contact. Of een moeder en een zoon van twaalf die erachter kwamen dat ook veel wél goed ging; de aandacht ging altijd naar wat niet goed ging.’

Verlangen

Volgens Sandra is dat de basis onder ‘waarderende gespreksvoering’: kijken naar wat wél goed gaat, wat waardevol is. ‘Je accepteert dat de werkelijkheid van de ander niet die van jou hoeft te zijn. En je bedenkt
dat je vragen de ander beïnvloeden, je zoekt naar het verlangen achter de onvrede en gebruikt de kracht van de verbeelding. Zo was er een leerkracht die zei dat ouders soms lastig zijn. Ik zei: kijk naar het verlangen áchter deze onvrede. Vraag wat ze anders hadden gewild, welke wens zit verscholen onder het gedrag? Een andere ouder zei dat nooit iemand naar haar luistert. Wij vragen dan: wanneer luisterde wél iemand, wat deed diegene en wat zou er gebeuren als meer mensen dit zouden doen? Vanuit pijn en verdriet kijk je naar wat iemand wil of nodig heeft.’

Zo voer je als ouder een waarderend gesprek

  1. Houd je eigen aannames tegen het licht.
  2. Luister en kijk wat helpend is voor jouw kind, plak je eigen verwachting niet op je kind.
  3. Onderzoek welk verlangen onder je eigen onvrede zit.
  4. Zie voor je wanneer jij gehoord, gezien of gewaardeerd werd. Wie was dat en wat deed het met je? Waar zit dat in? Deel dat in een gesprek.

‘Vervolg hard nodig’

Met WEL in Ontwikkeling bereikt Balans een belangrijk doel: erkenning dat voor sommige kinderen school niet werkt en dat voor hen ook ontwikkeling geboden moet worden.

 

‘Dit is echt vernieuwend. Ik vind het ook mooi hoe we als Balans samen met het ministerie en Ingrado – op een andere manier dan gangbaar – samen tot een oplossing zijn gekomen. Het gesprek met instanties gaat met een andere sfeer en een ander uitgangspunt, geven ouders zelf aan: iedereen kijkt vanuit de vraag van het kind naar wat wél kan. We hopen op een goede aansluiting voor deze kinderen ná dit traject. Het moet niet stoppen met een pilot.’

 

Joli Luijckx, directeur Balans

Dit artikel verscheen eerder in Balans Magazine 2-2024. Wil je ook ons magazine ontvangen? Word dan nu lid. Bekijk hier de voordelen.

Privacyvoorkeuren
Wanneer u onze website bezoekt, kan deze informatie opslaan via uw browser van specifieke services, meestal in de vorm van cookies. Hier kunt u uw privacyvoorkeuren wijzigen. Let op dat het blokkeren van sommige soorten cookies van invloed kan zijn op uw ervaring op onze website en de diensten die wij aanbieden.