Hoe ik als moeder van een ‘thuiszitter’ uiteindelijk ook een soort ‘thuiszitter’ werd
Geschreven door: Mendy Waaijen
De impact als het systeem niet (meer) past
Zo’n 8 jaar geleden viel mijn dochter Kyra uit in het reguliere basisonderwijs in groep 7. Ze was toen 10 jaar oud.
Niet van de ene op de andere dag. Daar gingen jaren aan vooraf van buikpijn, huilen, spanning, aanpassen en proberen vol te houden. En ook ik probeerde heel lang om haar binnen het systeem te houden.
We probeerden verschillende scholen, andere vormen van onderwijs, hulpverlening en begeleiding. Steeds opnieuw hoopte ik dat we de plek zouden vinden waar ze zich veilig genoeg zou voelen om weer verder te kunnen.
Maar iedere keer liep ze opnieuw vast en kwam ze weer thuis te zitten. En iedere keer raakte haar zenuwstelsel verder overbelast. Tot uiteindelijk niet alleen school te veel werd, maar ook de wereld daarbuiten steeds moeilijker werd.
En terwijl haar wereld steeds kleiner werd, veranderde ook die van mij.
Want wanneer je kind het steeds lastiger vindt om deel te nemen in deze maatschappij, kun je als ouder natuurlijk niet gewoon doorgaan met je eigen leven alsof er niets aan de hand is.
Als alleenstaande moeder betekende dit voor mij dat een groot deel van de dagelijkse zorg en verantwoordelijkheid op mijn schouders terechtkwam. Ik moest steeds meer beschikbaar zijn. Om haar op te vangen bij angst en paniek. Maar vooral om voor haar de veilige plek te zijn in een wereld waarin zij zich steeds minder begrepen en onveilig voelde.
Steeds opnieuw uitleggen wat ik zag
Ondertussen probeerde ik diezelfde wereld steeds opnieuw uit te leggen wat ik bij mijn dochter zag. Er waren talloze gesprekken met school, hulpverlening en andere instanties.
Ik moest steeds weer uitleggen waarom het écht niet meer ging. Waarom nog harder duwen niet hielp, maar averechts werkt. Waarom ze zich niet veilig voelde en wat haar zoveel stress bezorgde. Waarom ze iets anders nodig had dan wat zij dachten dat ze nodig had. Wat ik als moeder zag, maar wat zij niet konden zien.
Dat gevecht heeft mij misschien nog wel meer uitgeput dan de praktische zorg. Want het is ontzettend eenzaam als jij iets anders ziet dan anderen zien, en je steeds weer moet verantwoorden waarom je bepaalde keuzes maakt.
Jarenlang stond ook mijn zenuwstelsel daardoor aan. Ik was voortdurend alert en beschikbaar. Echt ontspannen kon ik niet. Zelfs wanneer het even rustig was, bleef mijn lichaam als het ware wachten op wat er daarna weer zou gebeuren.
Een wereld die steeds kleiner wordt
Uiteindelijk lukte werken voor mij ook niet meer. En daarmee verloor ik niet alleen mijn werk. Mijn inkomen werd ook een heel stuk lager. Er ontstonden financiële zorgen en daarmee werd onze wereld op nóg een manier onveiliger en vooral kleiner.
Want ook andere sociale activiteiten, zoals een dagje weg of gewoon ergens iets drinken, activiteiten die onze wereld weer een beetje groter zouden kunnen maken, werden steeds moeilijker betaalbaar.
Zo wordt je wereld niet alleen kleiner door alles wat je fysiek en emotioneel niet meer kúnt, maar ook doordat steeds meer van wat je nog wél kunt buiten bereik komt te liggen.
Ook in mijn vriendschappen en andere sociale contacten begon ik steeds meer afstand te voelen. Niet omdat ik geen behoefte had aan contact. Integendeel. Ik verlangde juist extra naar contact met mensen.
Maar vooral om te kunnen delen wat er werkelijk gebeurde bij Kyra en bij mij. Hoe zwaar het soms was. Hoe moe ik was. Hoe bang en alleen ik mij soms voelde in alles wat ik moest dragen. Maar ik merkte hoe moeilijk het was om werkelijk over te brengen wat er in ons leven gebeurde.
Terwijl onze wereld steeds kleiner werd, zag ik de levens van mensen om mij heen doorgaan. Ze werkten, hun kinderen gingen naar school, ze gingen op vakantie en maakten plannen. En natuurlijk gunde ik ze dat. Maar ook dat was geregeld confronterend, omdat ik daar zelf steeds verder vanaf leek te staan.
Op zo’n momenten wilde ik zo graag delen hoe het écht met mij ging. En als ik daar al ruimte voor voelde en nam, merkte ik dat dat niet altijd binnenkwam. Vaak voelde ik me niet werkelijk gezien of begrepen. En juist dan kon ik me tijdens contacten met andere mensen juist eenzamer voelen dan wanneer ik alleen thuis was.
Tegelijkertijd neem ik niemand dat kwalijk. Want hoe kun je werkelijk begrijpen wat zoiets met een mens doet wanneer je het zelf nooit hebt meegemaakt?
Als ik eerlijk ben, denk ik dat ik het vroeger zelf ook niet echt had kunnen begrijpen. Misschien had ik geluisterd en meegeleefd. Misschien had ik zelfs gedacht dat ik het begreep. Maar sommige dingen begrijp je waarschijnlijk pas echt wanneer je ze zelf hebt gevoeld en ervaren.
Ook een soort thuiszitter
En zo werd, bijna ongemerkt, ook mijn wereld steeds kleiner. Door de zorg en vermoeidheid. Door het voortdurend beschikbaar moeten zijn. Door de financiële beperkingen. Maar ook doordat ik steeds minder aansluiting voelde bij de wereld om mij heen.
En hoe kleiner mijn wereld werd, hoe moeilijker het ook voor mij werd om weer naar buiten te stappen en aansluiting te vinden. Mensen ontmoeten kost meer energie. Ik kijk vaker op tegen afspraken. En na jarenlang alert zijn en overleven lijkt ook mijn zenuwstelsel zich steeds veiliger te voelen in die kleine, vertrouwde wereld thuis.
Zo kom je in een soort spiraal terecht, waar je niet zomaar weer uit klimt.
Kyra werd thuiszitter toen school en uiteindelijk steeds meer van de wereld om haar heen te veel werd. En terwijl ik jarenlang alles deed om haar overeind te houden, werd ik op mijn eigen manier steeds een stukje meer thuiszitter met haar.
Ook mijn wereld werd kleiner. Ook voor mij werd meedoen steeds minder vanzelfsprekend.
Dit is de impact die het kan hebben wanneer een kind uitvalt omdat het systeem niet meer past. Soms wordt niet alleen een kind een ‘thuiszitter’, maar wordt ook een ouder een ‘thuiszitter’.
Hoe zou ons onderwijs eruitzien als ieder kind écht het uitgangspunt was? Over minder toetsen, veiligheid als basis en maatwerk als norm.
Het is Wereld Suïcide Preventie Week. Over jongeren met suïcidegedachten en de vraag wat de wereld die wij voor onze kinderen maken daarin betekent.
Rond de eerste schooldag staan tijdlijnen vol trotse foto’s. Over de kinderen voor wie naar school gaan juist niet vanzelfsprekend is.
Kyra werd 18. Over de angst die ik jarenlang met me meedroeg en vaak verzweeg, en over wat die angst met een gezin doet.
Als je kind thuis komt te zitten, verandert ook jouw leven. Over werk, vriendschappen en het isolement waarin ouders ongemerkt terechtkomen.
Kyra viel uit in het onderwijs toen ze tien was. Waarom ik ons verhaal blijf vertellen, ook als dat kwetsbaar is.


