Scroll Top
Suzanne-Boomsma-3000px-1024x683 (1) (Demo)

Afscheid directeur Suzanne Boomsma: ‘Ik wens Balansouders zorgzame en rechtvaardige instituten toe’

Ze trad aan bij Balans als directeur met een stevige visie op ouderschap, maar kwam terecht in een organisatie die eerst een crisismanager nodig had. Na twee intensieve jaren rondde Suzanne Boomsma in april haar werkzaamheden af. Ze ziet de kentering bij de vereniging: Balans staat voor het ouderperspectief. Met de term ‘ervaringsdeskundigheid’ doe je ouders echt tekort. Hun kennis heeft te maken met levenservaring, met liefde, met praktische wijsheid, en hun eindverantwoordelijkheid. 

Interview: Geert Bors

‘We zijn een vereniging geworden die zich sterk maakt voor het kind én ouderperspectief van gezinnen in de verdrukking 

In april 2019 werd jij de voorvrouw van Balans. Wat trof je aan?

Ik trof twee organisaties aan  Balans en de Nederlandse Vereniging voor Autisme (NVA)  die met elkaar vervlochten waren geraakt op een manier die niet gezond was. Toen zo’n tien jaar geleden onze eigen zoon op school vastliep, was ik lid geworden van de NVA, dus ik wist in 2014 al dat er over een fusie gesproken werd. Die push werd daarna sterker doordat VWS meer subsidie voorspiegelde als beide organisaties samengingen  zaken als personeel en ruimte konden dan gedeeld worden. En men vond het destijds ook beter om zoveel mogelijk bedrijfsvoering uit te besteden aan externe bureaus, zoals de ledenadministratie en boekhoudingIk zag dat er van alles scheefgegroeid was en dat Balans haar kerntaken niet meer goed kon uitvoeren. De enige manier om te overleven was door Balans weer helemaal vrij te maken uit die organisatorische, financiële kluwen. 

Had je dat voorzien? Was je dat voorgespiegeld?

Voor mij zat er een interim-directeur, maar haar voorganger  Swanet Woldhuis  kende ik en zij had mij bij haar vertrek in 2018 gezegd: ‘Ik maak me zorgen over Balans.’ Zelf was ik een jaar eerder lid geworden en had meegeschreven aan De staat van het onderwijs volgens ouders. Dat deed ik met Swanet, met onderwijsjurist Katinka Slump en met voormalig onderwijsbestuurder Frank Hoogeboom. Wat een leuke club, dacht ik. Ook werd ik gevraagd door de toenmalige bestuursvoorzitter om na lezing van het jubileumboek voor Arga Paternotte mee te denken over de toekomst. Balans was een decennium eerder nog een stevige organisatie, met veel leden, met goede contacten bij ministeries en wetenschappers, landelijk actief met steunpunten, en in de regio, altijd bezig met vrijwilligers. De drie klassieke pijlers: kennisdeling, lotgenotencontact en belangenbehartiging waren goed georganiseerd. Maar veel daarvan was nu gemarginaliseerd geraakt. Wat snel bleek was dat Balans niet zozeer een directeur, maar een probleemoplossende operationeel manager nodig hadIk had Balans willen leiden zoals een pedagoog die met een brede, geïntegreerde blik de wereld inkijkt, maar mijn rol werd ook die van een traumachirurg. 

Waarop heb jij specifiek ingezet?

Noodzakelijk was allereerst die organisatorische ontvlechting. De NVA en Balans zijn fundamenteel andere clubs. Bij een organisatie specifiek gericht op autisme kun je van 0 tot 100 jaar terecht; bij Balans komen ouders binnen die met hun kind vastlopen door ontwikkelingsproblematiek  in de volle breedte. Dat gebeurt vaak op de basisschool: jzoekt kennis en ondersteuning, vindt regionale betrokkenheid en dan, als je als gezin min of meer weet wat te doen, je kind zijn weg gevonden heeft, houdt je lidmaatschap vaak op. Gezien alle decentralisaties in zorg en onderwijs, is het van belang dat Balans zichtbaar is in de regio voor die gezinnen, met advies en vertegenwoordigers. Ik wilde van onderop beweging gaan organiseren, samen met andere ouderorganisaties. En dat gingen we niet zozeer doen vanuit de blik op ‘labels’ en ontwikkelingsstoornissen  dat is oud denken  maar vanuit het ouderperspectief en het ondersteunen van gezinnen. 

Je zocht de verbinding dus niet zozeer in ‘wij hebben allemaal een kind met een diagnose’, maar in het stutten, op waarde schatten en emanciperen van hun ouderschap?

InderdaadEind december 2018 was in de Algemene Leden Vergadering de doelstelling van Balans omgevormd van een ‘patiëntenvereniging’ naar een vereniging die zich sterk maakt voor het kind én ouderperspectief van gezinnen in de verdrukkingWanneer een kind vastloopt is het nodig dat je systemisch naar zijn situatie en interacties met zijn directe omgeving kijkt. Ik heb in die tijd ook de ouderschapstheorie van Alice van der Pas ontdekt die zich richt op de psychologie van oudersHaar uitgangspunt is dat elke ouder een besef van verantwoordelijkheid heeft en dat ouderschap je per definitie kwetsbaar maakt  zeker als het niet goed gaat met je kind. Ten derde stelt ze dat ouders de eindverantwoordelijke zijn voor de opvoeding. Wat ouders dus vragen van de instituten en de professionals die ze tegenkomen, is: neem ook mij en mijn goede intenties serieus. Treed mij met belangstelling en respect tegemoet. Wees opbouwend in je ondersteuning. Het is belangrijk om dat ouderperspectief centraal te stellen, want zonder deze aandacht voor de ouders zal het ook met de kinderen niet goed gaan. 

Van der Pas heeft het over buffers, zoals een solidaire gemeenschap en het regelmatig op metaniveau praten over je opvoeding, waardoor ouders hun veerkracht kunnen ontwikkelen. Hoe is Balans de vertolker van de stem van de ouders?

Stem is een goed woord. In een afscheidsartikel voor AutiPassend Onderwijs Utrecht noemde ik het van stigma naar steun naar stem’. Bij ontmoetingen met professionals wordt de kennis van ouders vaker betrokken, maar dan meestal als ‘ervaringsdeskundige’. In het geheel van ervaring, praktijkkennis en wetenschap, mogen zij dan ‘vanuit een casus meepraten’. Maar ik zou die ouderpositie willen versterken. Hun ervaring is óók ervaring over het functioneren van systemen, over zorg en onderwijs, over passende, creatieve oplossingen die werken. En heb je het over ‘kennis’ dan speelt ook macht een rol: in de kennishiërarchie wordt ‘ervaring’ minder serieus genomen. Terwijl wetenschap natuurlijk ook ooit begonnen is als ervaring. 

Dat is heel wezenlijk: het ouderperspectief dat volwaardig mag klinken aan een overlegtafel.

Ja, het gaat erom het gesprek veel gelijkwaardiger te maken. We maken het zo snel professioneel en daarmee hiërarchisch. Als je Van der Pas volgt met haar observaties over kwetsbaarheid en het bouwen aan veerkracht, maar ook pedagoog Gert Biesta en zijn notie van onderwijs en opvoeding als complexe communicatieprocessendan kom je erop uit dat er handelingsverlegenheid mag zijn. Dat we het met elkaar even niet mogen weten. Ouders zijn een kennisbron die we te weinig aanboren. Ga je dat meteen vertalen naar ‘ervaringsdeskundigheid’, dan doe je ouders echt tekort. Hun kennis moet eigenstandig gewogen worden  het is een kennis die te maken heeft met levenservaring, met liefde, met praktische wijsheid, en ook met hun levenslange (eind)verantwoordelijkheid als ouder. Als die stem mag klinken, tolereer je veel meer van elkaar aan die overlegtafel dan wanneer alles klinisch-rationeel wordt benaderd of vanuit belangen wordt gedacht. 

Hoe kan dat eruit zien?

Er moet tijd en ruimte zijn voor het ouderperspectief. Is er twijfel, een niet-weten, dan zijn professionals opgeleid in direct handelen, met normatieve oplossingen. Maar vaak gaat dat te ondoordacht, te snel en niet uit van gelijkwaardigheid. Een oncoloog neemt een ouder die zegt: ‘Mijn kind is zo moe de hele dag,’ heel serieus, maar zeg je: ‘Mijn kind is niet gelukkig, het wil niet naar school,’ dan kan een leraar zomaar menen dat de oorzaak aan jouw opvoeding als ouder ligt. Je kunt kinderen die heel sensitief reageren en zelfs thuis komen te zitten óók zien als kanaries in de kolenmijn: wat zegt dit kind over het pedagogische klimaat van mijn klas of school? 

Wat heeft het directeurschap je gebracht?

De meeste organisatorische problemen zijn opgelost. Balans is zelfstandig en levensvatbaar. Het nieuwe bestuur is een hechte club, net als het werknemersteam. De nieuwe projecten lopen goed, er is een nieuwe website en een volle agenda met (online) activiteitenZo bouwt Balans aan een stevig kennisnetwerk, samen met andere ouderorganisatiesOok is Balans als inhoudelijke belangenbehartiger meer zichtbaar: door het rapport Thuiszitters tellen heeft de politiek het nu bijvoorbeeld over 15.000 thuiszitters en niet meer over 4.000, en komen er regionale oudersteunpuntenWas er een succesvolle jeugdzorgconferentie Bang voor drang en dwang, waar het ouderperspectief centraal stondOntwikkelden zich uit de regionale onderwijssymposia nieuwe boeken en activiteiten: Noëlle Pameijer heeft haar nieuwe boek, met daaraan verbonden ouderbetrokkenheidstrainingen, aan Balans verbondenDe columns van Katinka Slump zijn gebundeld in een Balansboek en podcast, waardoor haar kennis wordt bewaard. En de uitreiking van de BalansAwards aan scholen was een hoogtepunt. Ik heb als directeur een bijdrage kunnen leveren, maar voortzetting van dit grote takenpakket wilde ik niet meer. 

Wat wens je de ouders van Balans toe?

Vroeger kon je denken: een school of zorginstelling heeft het beste met mijn kind en mij voor, en de Belastingdienst doet wat hij moet doen. Maar zo’n documentaire over de toeslagenaffaire, Alleen tegen de staat, laat zien dat we er niet meer automatisch vanuit kunnen gaan dat onze instituten zorgzaam en rechtvaardig zijn. Dat is de reden om ouders te equiperen en te emanciperen. Ik wens ouders toe dat er liefdevol over hun kinderen gesproken wordt en dat ze zorgzame instituten tegenkomen, waar ouders gezien en gehoord worden. Opvoeden is ingewikkeld. We moeten met elkaar accepteren dat het steeds weer zoeken is. 

Related Posts

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.